Kies hier je regio

Zo krijg je ook regionale informatie over voordelen, activiteiten en nieuwe initiatieven.

Kies hier je regio

Vul je regio of ziekenfonds in. Zo krijg je ook regionale informatie over voordelen, activiteiten en nieuwe initiatieven.

CM-ziekenfonds

Top tien voor beginners

Stel, je voelt plots de kriebels om een sportieve uitdaging aan te gaan zoals de
20 km door Brussel, de Ronde van Vlaanderen voor wielertoeristen of de beklimming van de Mont Ventoux. Stuk voor stuk prestaties die een degelijke voorbereiding vragen. Maar hoe begin je eraan? Onze tien tips helpen je op weg.

1. Huisarts of sportmedische keuring?

Kies een sport die bij je lichaam past. Raadpleeg bij twijfel of vragen over je lichamelijke geschiktheid je huisarts of een erkende keuringsarts. Wil je weten of een sportmedisch onderzoek raadzaam is? Surf dan naar www.sportkeuring.be, een initiatief van de Vlaamse Overheid.
Een sportmedische keuring is ook aanbevolen indien je enkel voor je plezier of gezondheid sport. En een bezoek aan de huisarts kan nooit kwaad alvorens je de veters aanbindt na een periode van lange inactiviteit.

2. Doelen om te scoren

Stel haalbare doelen. Hierdoor zal je succes ervaren, wat je zal motiveren om verder te doen. Belangrijk is ook dat je kiest voor concrete doelen volgens het FIT-principe.

3. Plannen doet bewegen

Kies een vaste dag en vast tijdstip, zodat het sneller een gewoonte wordt. Je kunt ook je materiaal al klaar leggen of je sporttas voor de deur te zetten. Zo moet je niet meer op zoek naar je materiaal en word je herinnerd aan je goede intentie.

4. Begin met kleine veranderingen

Zoals Rome niet op één dag is gebouwd, word je niet plots wakker met een kathedraal van een lichaam. Het is belangrijk dat je start met kleine veranderingen om dan langzaam op te bouwen. Een voorbeeld van een stapsgewijze aanpak is het schema van Loop-je-fit. Voorzie steeds tussentijdse doelen, evalueer ze en pas je doelstelling eventueel aan. Ben je aan de slag met een schema, maar ben je enkele weken ziek, verschuif je doelstelling dan naar een latere datum of pas de planning aan.

5. Goesting!

Bewegen of sporten is een vrijetijdsactiviteit. Zorg er dus voor dat je er plezier aan beleeft. Kies een activiteit die je graag doet. Maar weet wel dat sport vaak geen liefde op het eerste gezicht is. 

6. Bewegen moet je niet alleen doen

Door met andere mensen af te spreken wordt het vaak leuker en is het moeilijker om af te zeggen. Als je in groep gaat sporten, mag je zeker een babbeltje doen. Zo vermijd je dat je te intensief bezig bent.

7. Kies gepaste kledij en schoeisel

Kledij moet goed passen en voldoende bewegingsvrijheid bieden. Hou ook rekening met de weersomstandigheden, zodat je lichaam niet te snel afkoelt of oververhit raakt bij koud of warm weer.
Schoenen zijn eveneens heel belangrijk, want ongeschikte schoenen bezorgen je vaak blessures aan de rug, enkel, knie of heup. Draag liefst schoenen die aangepast zijn aan de sport die je beoefent.

8. Verandering van spijs doet eten

Variatie helpt je om vol te houden. Loop niet altijd hetzelfde parcours. Doe eens nieuwe oefeningen. Je behoudt niet alleen de interesse, je prikkelt ook je spieren op een andere manier.

9. Van een beetje naar een beetje meer

Heb je geen zin om te sporten of te bewegen na een lange werkdag? Neem je dan voor om maar eventjes te gaan wandelen of sporten. Eens je in beweging bent, krijg je vaak zin in meer.

10. Begeleiding of club

Een goede begeleider of sportclub kan je helpen op het juiste niveau te sporten. Meestal hebben sportverenigingen gediplomeerde trainers in dienst, die je een kwalitatieve begeleiding bieden. Sportclubs in je buurt vind je  op de website van Bloso.

Ben De Wit, bewegingsdeskundige