Sla de navigatie over
Nationaal Kies een ander CM-ziekenfonds
U bent hier: Bewust gezond -  Zwanger zijn en opvoeden -  Zwanger zijn -  Flesvoeding

Flesvoeding

De eerste maanden na de geboorte is een baby voor zijn groei en ontwikkeling volledig aangewezen op melk. Borstvoeding is de beste en meest natuurlijke voeding maar wanneer dat om een of andere reden geen optie is, biedt moedermelkvervangende voeding – zogenaamde flesvoeding – een uitkomst. De samenstelling van flesvoeding benadert deze van moedermelk maar kan ze niet volledig evenaren.

Soorten flesvoeding

Er bestaan diverse soorten flesvoeding:

  • startvoeding of eersteleeftijdsmelk (voor zuigelingen tot 4 à 6 maanden);
  • opvolgvoeding of tweedeleeftijdsmelk (voor baby’s tot 12 à 18 maanden);
  • en groei- of derdeleeftijdsmelk voor peuters.

Het aanbod aan soorten en merken flesvoedingen is groot. Om een optimale voeding te kiezen, laat je je het best begeleiden door iemand die het juiste advies kan geven.

De meeste soorten flesvoeding worden geproduceerd op basis van koemelk. Koemelk zelf is niet geschikt voor zuigelingen jonger dan twaalf maanden. Ze bevat onder meer onvoldoende vitaminen en te veel eiwitten, wat een te hoge belasting van de nieren met zich meebrengt. Ook paarden- en geitenmelk zijn niet geschikt.
Kinderen die allergisch zijn aan koemelk, krijgen bij voorkeur hypoallergene melk. Hierin zijn de eiwitten voorverteerd, wat de kans op een allergische reactie verkleint. Producten op basis van soja zijn minder geschikt voor zuigelingen met een verhoogd risico op voedselallergie.

Startvoeding
Zuigelingenmelk is de officiële Belgische benaming voor een startvoeding of ‘eerste leeftijdsmelk’. Ze is bedoeld voor zuigelingen van 0 tot 4 à 6 maanden en is alleen in de apotheek te koop.
Een startvoeding is een volwaardige voeding voor de zuigeling en levert op zichzelf voldoende energie om een normale ontwikkeling toe te laten. Zolang de zuigeling voldoende krijgt aangeboden en in staat is voldoende te drinken, is er geen enkele reden om extra koolhydraten (bv. meel, sacharose) aan een startvoeding toe te voegen. Omdat ze via hun flesvoeding voldoende vocht binnenkrijgen, hebben baby’s jonger dan zes maanden in principe geen extra drank nodig.

Opvolgmelk
Opvolgmelk is de officiële benaming voor ‘tweede leeftijdsmelk’ en is aangepast aan de behoeften van zuigelingen tussen 6 en 12 tot 18 maanden. Opvolgmelk vormt voor jonge kinderen een goede aanvulling op een groente- en/of fruitpap en voorziet in een belangrijke mate in de aanbreng van vloeistof. De energetische waarde van opvolgmelk is gelijkaardig aan deze van de startvoeding maar de samenstelling verschilt. Ze is verrijkt met ijzer, calcium en eiwit.
Opvolgmelk is beschikbaar in poeders en in vloeibare vorm en dit zowel bij de apotheek als in het grootwarenhuis. Vanaf zes maanden is wat extra plat, mineraalarm water het beste om voldoende vocht binnen te krijgen. Het gebruik van fruitsap wordt best beperkt tot een glaasje per dag om te vermijden dat het de plaats van melkvoedingen inneemt.

Groeimelk
Vanaf 6 maanden is vaste bijvoeding een must. Rond de leeftijd van een jaar moet de voeding voldoende gevarieerd zijn. Bij een evenwichtig samengestelde bijvoeding is groeimelk niet nodig. Deze flesvoeding levert weliswaar onder meer extra mineralen en spoorelementen, maar de meeste soorten zijn gezoet en bevatten extra smaakstoffen. Bovendien zijn ze drie- tot viermaal duurder dan gewone koemelk.

Soorten flesjes en spenen

Flesjes

  • Er zijn glazen en plastic flessen verkrijgbaar. De meeste ouders kiezen voor plastic flessen omdat ze minder duur zijn, minder zwaar en niet stuk kunnen vallen. Maar deze flesjes worden op termijn dof en er kunnen barstjes in komen die een groeiplaats voor bacteriën kunnen zijn.
  • Goede flessen hebben een wijde hals en zijn zo glad mogelijk, waardoor ze optimaal kunnen schoongemaakt worden. Bij sommige flessen kan de bodem worden afgeschroefd om een goede reiniging mogelijk te maken.
  • Voor het schoonmaken van flessen zijn speciale borsteltjes te koop. Het is aan te bevelen ze ook alleen daarvoor te gebruiken.
Spenen
  • Spenen worden gemaakt van latex (natuurrubber) of siliconenrubber (kunststof). Siliconenspenen kunnen iets beter gereinigd worden maar scheuren iets makkelijker.
  • Alle speentjes moeten regelmatig op zwakke plekjes worden gecontroleerd, zeker als de baby al tandjes heeft.
  • Nieuwe spenen dienen voor het eerste gebruik uitgekookt te worden.
  • De vorm van de speen heeft te maken met de voorkeur van het kind. De speen moet lang en stevig genoeg zijn.
  • De grootte van het gaatje in de speen bepaalt hoe hard de baby zal moeten zuigen om aan de melk te geraken. Om een kind te bevredigen in zijn zuigbehoefte moet de afmeting van het gaatje zo zijn dat de voeding er druppel voor druppel uit komt.

Bereiden van flesvoeding

Water
Om de voeding aan te maken, is putwater niet geschikt. Leidingwater is wel toegestaan als het niet te veel nitraat bevat. Flessenwater met de vermelding ‘Geschikt voor de bereiding van babyvoeding’ geniet de voorkeur. Bewaar een geopende fles steeds in de koelkast en verbruik het water binnen de drie dagen na opening.

Poeder
Alle producten in poedervorm worden een volwaardige melkvoeding door een afgestreken maatlepeltje van het melkpoeder toe te voegen per 30 ml water. De hoeveelheid product per doos en de concentratie van het product verschillen van merk tot merk en van melk tot melk. Vandaar is het belangrijk steeds het maatlepeltje van het overeenkomstige poeder te gebruiken. Gesloten verpakkingen van melkpoeder zijn zeer lang houdbaar. Geopende verpakkingen zijn ongeveer vier weken houdbaar en moeten op een droge plaats bewaard worden.

Hygiëne
Zuigelingen hebben nog onvoldoende weerstand opgebouwd om ziektekiemen de baas te kunnen. Hygiënisch werken bij het klaarmaken van de papjes is dus erg belangrijk, bv. zelf eerst handen wassen voor het bereiden en geven van voeding, voeding klaarmaken op een proper werkblad, flesjes heel goed reinigen en op een droge plaats bewaren waar geen vliegen of andere insecten bij kunnen, borsteltjes regelmatig schoonmaken, flesjes en spenen regelmatig steriliseren.

Temperatuur
De temperatuur waarop de voeding door het kind gedronken wordt, hangt af van het kind. De meeste kinderen drinken de voeding lauw, op lichaamstemperatuur. Voeding kan worden verwarmd in een flessenwarmer of in de microgolfoven. Bij gebruik van de microgolfoven is het belangrijk goed de temperatuur te controleren. De fles kan nog lauw aanvoelen maar de vloeistof binnenin kan heet zijn.

Bewaren
In de koelkast kan flesvoeding maximaal 24 uur afgedekt worden bewaard. Restjes na een voeding of wat overblijft na 24 uur moet direct weggedaan worden.

Flesje geven

Lichaamscontact is ook bij flesvoeding gunstig met het oog op de ontwikkeling van de relatie met de volwassene. Belangrijk is dat het kind ontspannen aanligt tegen diegene die de fles geeft. De stand van de fles moet tijdens het voeden zo zijn, dat de speen al vol is als ze in de mond komt en ook steeds vol blijft tijdens het drinken om onnodig luchthappen te voorkomen. Vermijd drukte in de ruimte waar het kind eten krijgt, als het snel afgeleid is.

Energie en vochtbehoefte

Zuigelingen
De behoefte aan energie van de zuigeling varieert naargelang de groeisnelheid, lichamelijke activiteit, leeftijd en gezondheidstoestand van de baby. De aanbevolen hoeveelheden voor een gezonde zuigeling zijn:

  • in het eerste anderhalf jaar 80 tot 120 kcal per kg lichaamsgewicht per dag;
  • in het tweede anderhalf jaar 80 tot 100 kcal per kg lichaamsgewicht per dag.

De behoefte aan vocht varieert met de energie-inname, de omgevingstemperatuur, de groei, de leeftijd en de gezondheidstoestand. De gezonde pasgeborene heeft:

  • de eerste paar dagen 80 tot 100 ml vocht per kg lichaamsgewicht per dag nodig;
  • nadien 150 tot 180 ml vocht per kg lichaamsgewicht per dag.

Vanaf 12 à 18 maanden
Vanaf de leeftijd van 12 à 18 maanden kan koemelk worden geïntroduceerd in een gevarieerde en evenwichtige voeding. Maar dan wel de volle variant. Halfvolle melk is immers niet aanbevolen voor kinderen jonger dan vier jaar en magere melk is hoe dan ook niet geschikt op jonge leeftijd.
Om in de nodige calciumbehoefte te voorzien, volstaat een halve liter volle melk per dag. Te veel melk, plattekaasjes of yoghurt moet evenwel vermeden worden. Door een overdaad aan zuivelproducten bestaat immers de kans dat andere noodzakelijke eetwaren (bv. fruit) onvoldoende worden gegeten, met een tekort aan diverse essentiële voedingsstoffen als gevolg.


terug