Sla de navigatie over
Nationaal Kies een ander CM-ziekenfonds
U bent hier: Klachten en ziekten -  A - D -  Diabetes -  Diabetes
 

Wat?

Diabetes of suikerziekte is een chronische ziekte waarbij het suikergehalte in het bloed te hoog is.

De alvleesklier of pancreas zorgt voor de productie van insuline. Dankzij dit hormoon kunnen de lichaamscellen suiker opnemen uit het bloed. Wanneer de alvleesklier geen of onvoldoende insuline aanmaakt, stapelt de suiker zich op in het bloed en is er sprake van diabetes.

Top >

 

Soorten en symptomen

  • Diabetes type 1

    Wordt ook jeugddiabetes genoemd en treft meestal mensen jonger dan veertig jaar.

    Dit type treedt acuut op en wordt veroorzaakt door een fout in het afweersysteem. Deze fout vernietigt de cellen die de insuline aanmaken, zodat de alvleesklier dit hormoon niet meer kan produceren. Waarom het afweersysteem het plotseling laat afweten, is nog onduidelijk. Erfelijkheid speelt vermoedelijk een rol.

    De klachten van type 1-diabetes zijn gemakkelijk te herkennen zoals:
    • extreem veel drinken en plassen (ook ’s nachts);
    • droge mond;
    • wazig zicht;
    • verstopping;
    • jeuk;
    • slecht genezende wonden;
    • chronische vermoeidheid;
    • aanzienlijk gewichtsverlies.  

  • Diabetes type 2

    Wordt vaak gezien als de mildere vorm van suikerziekte, maar dit is totaal onterecht.

    De aandoening treedt meestal op bij veertigplussers en krijgt het etiket ‘ouderdomsdiabetes’. Opvallend is echter dat deze vorm de laatste jaren op steeds jongere leeftijd voorkomt.

    In tegenstelling tot type 1-diabetes maakt de alvleesklier bij ouderdomsdiabetes nog wel insuline aan. Maar de hoeveelheid is onvoldoende of de lichaamscellen zijn minder gevoelig voor de werking ervan. Bij het ontstaan van type 2-diabetes speelt erfelijkheid een onmiskenbare rol, maar ook zwaarlijvigheid kan er de aanleiding voor zijn.

    De klachten zijn aanvankelijk weinig duidelijk, zodat de diagnose niet altijd even snel wordt gesteld. De symptomen variëren van chronische vermoeidheid en oogklachten tot een geïrriteerde, droge mond, dorst en vaak plassen. Ook het langzaam genezen van wondjes en jeuk aan de geslachtsorganen kunnen wijzen op type 2-diabetes.

  • Andere

    Naast type 1 en type 2 bestaan ook specifieke soorten, zoals zwangerschapsdiabetes, maar deze zijn zeldzamer.

Top >

 

Mogelijke complicaties

 Jaren nadat suikerziekte is begonnen, kunnen er ernstige complicaties ontstaan, zoals:

  • hart- en vaatziekten;
  • nierproblemen;
  • oogaandoeningen;
  • verzwering van de voeten, met amputatie tot gevolg.

Om zulke verzweringen te vermijden is het belangrijk dat diabetespatiënten:
  • de voeten geregeld controleren op blaren en wondjes;
  • goed schoeisel dragen;
  • voldoende aandacht schenken aan de verzorging van nagels en voeten.

Top >

 

Ontstaan

Bij het ontstaan speelt erfelijkheid een belangrijke rol. Deze is echter niet allesbepalend, want bij mensen met en zonder familiale aanleg heeft ook de levensstijl invloed op het al dan niet krijgen van de aandoening.

Top >

 

Naar de arts?

Bijna de helft van de diabetespatiënten weet aanvankelijk niet dat hij de ziekte heeft. Velen hechten namelijk geen belang aan de eerste verschijnselen, waardoor kostbare tijd verloren gaat.

Bij een vermoeden van diabetes kunt u het best contact opnemen met uw huisarts. Hij zal het suikergehalte in uw bloed, de zogenaamde bloedsuikerspiegel, laten bepalen.

Als er ouderdomsdiabetes in de familie voorkomt (broers, zusters, ouders) of als u zwangerschapsdiabetes doormaakte, is het verstandig om jaarlijks uw bloedsuiker te laten meten. Dit preventieve onderzoek is vooral aan te bevelen als u:

  • ouder bent dan 50 jaar en overgewicht hebt (de omvang van de buik bij mannen meer dan 94-102 centimeter, bij vrouwen meer dan 80-88 centimeter);
  • geneesmiddelen tegen een verhoogde bloeddruk neemt.

Top >

 

Behandeling

Diabetes is niet te genezen en vereist een levenslange behandeling, die de nodige inspanningen vergt van de patiënt en zijn omgeving. Ze berust op drie pijlers.

  • Dieet
    Dit dieet legt echter geen strak en eentonig voedingspatroon op. In principe mag alles worden gegeten en gedronken. Het gaat erom de juiste voedingsmiddelen op het juiste tijdstip te gebruiken en overgewicht te voorkomen.

  • Voldoende lichaamsbeweging 
    Dat betekent niet intensief sporten. Wandelen, fietsen, zwemmen, klussen of andere rustige activiteiten volstaan. Maar ze moeten samen wel minstens dertig minuten per dag duren en de ademhaling moet hierbij wat versnellen.

  • Medicatie
    In tegenstelling tot jeugddiabetes zijn meestal geen inspuitingen met insuline nodig. Over het algemeen volstaan tabletten om de bloedsuikerwaarde in evenwicht te brengen als deze uit balans is. Niet zelden veroorzaken de geneesmiddelen aanvankelijk meer klachten dan de aandoening zelf. Dit mag echter geen reden zijn om ze links te laten liggen, want dit vergroot alleen maar de kans op complicaties.

Een goede behandeling van diabetes heeft een dubbel nut:

  • de klachten die de aandoening meebrengt onder controle houden, waardoor de meeste patiënten in het dagelijkse leven normaal kunenn functioneren;
  • complicaties op langere termijn voorkomen, uitstellen of tijdig ontdekken.

Met een gezonde en aangepaste levensstijl enerzijds en de steun van familie, vrienden en zorgverleners anderzijds kunnen diabetespatiënten een leven leiden zoals ieder ander. Suikerziekte hoeft helemaal geen spelbreker te zijn, noch voor de levenskwaliteit, noch voor de levensduur. 

Top >

 

Voorkomen

Gezonde leefgewoonten kunnen dus helpen om diabetes type 2 te voorkomen. Zo vermindert de kans op de aandoening aanzienlijk indien u:

  • uw lichaamsgewicht onder controle houdt;
  • regelmatig beweegt;
  • gezond eet (vetarm en vezelrijk);
  • niet rookt;
  • maximaal twee glazen (man) of één glas (vrouw) alcohol per dag drinkt en liefst niet elke dag.

Top >

 

Bron

‘Zal ik de dokter bellen? Medisch ABC voor het hele gezin’, dokter Michiel Callens, uitgeverij Lannoo, 2009, 319 pagina’s.

Top >

 

Meer informatie

Top >


terug