‘Je doet het voor de mensen’
Walter Verlinden, vrijwilliger bij de dienst Thuisoppas
“Nadat ik negen jaar geleden met brugpensioen ging, had ik niet onmiddellijk plannen om de vrijgekomen tijd te vullen. Daarom sprak de oproep voor thuisoppassers in het ledenblad me wel aan. De jaren voor mijn pensionering had ik trouwens veel tijd doorgebracht bij mijn moeder in het rusthuis. Ik veronderstelde dat thuisoppas wel iets voor mij zou kunnen zijn. Ik meldde me bij het ziekenfonds en na een eerste gesprekje, kon ik deelnemen aan een cursus. Die was erg belangrijk voor mij. Zonder vorming aan de slag gaan, lijkt me geen goed idee. Tijdens de cursus leerden we juiste tiltechnieken en vernamen we ook hoe we het best met iemands levensverhaal kunnen omgaan. Bovendien kregen we heel wat uitleg over diverse ziektebeelden zoals dementie en depressie. Na de cursus kon ik aan de slag als thuisoppasser. Meestal besteed ik twee halve dagen per week aan de zieken. Gewoonlijk kom ik voor langere tijd bij dezelfde mensen. Zo bouw je een band op en krijg je vertrouwen, ook van de mantelzorgers. Nu ga ik al een hele tijd regelmatig langs bij twee mensen die lijden aan de ziekte van Alzheimer. Een uitgebreid gesprek voeren of lange wandelingen maken, is moeilijk in hun situatie. Maar ik help hen bij het eten en drinken en geef hen de medicijnen die ze nodig hebben. Als ze een beetje willen rusten, lees ik een boek. Als ik in huis ben, kunnen de mantelzorgers er even tussenuit. Steeds weer merk ik dat het erg belangrijk is dat ze ook een beetje tijd hebben voor zichzelf. De zorg voor een zwaar ziek familielid is immers niet te onderschatten. Dankzij een thuisoppasser kunnen ze even op adem komen en krachten opdoen voor de rest van de week. Dat ik mijn steentje kan bijdragen om een thuiszorgsituatie draaglijker te maken, doet me zelf ook veel deugd. Zowel de chronisch zieken als de mantelzorgers zijn vaak heel dankbaar voor mijn komst. Dat zeggen ze ook regelmatig en dat is natuurlijk erg fijn.”


