Parenterale voeding: indicaties voor terugbetaling
De ziekteverzekering komt tegemoet in parenterale voeding voor patiënten met één van onderstaande pathologieën.
- Tijdelijke of blijvende intestinale insufficiëntie ten gevolge van:
- idiopatische inflammatoire intestinale ziekten (ziekte van Crohn, colitis ulcerosa):
- die geneesmiddelenresistent zijn en
- uitgebreide segmenten van de darm hebben aangetast
- uitgebreide intestinale resecties
- ernstige stoornissen van de intestinale motoriek
- zeer ernstige intestinale malabsorptie ten gevolge van:
- radio-enteritis
- totale darmvlokkenatrofie (coeliakie) of equivalente aandoeningen
- chronische pancreatitis waarvan wordt aangetoond dat orale of maagsondevoeding onmogelijk is
- peritoneale carcinomatose met intestinale occlusie
- intestinale lymfomen
- surinfectie van het spijsverteringskanaal bij rechthebbenden die lijden aan 'acquired immune deficiency syndrome'
- aanhoudende diarree bij kinderen, aangeboren of verworven
- weerstandige chyleuze ascites
Het intestinaal inactiveren om therapeutische motieven wegens fistels als verwikkeling bij één van de sub 1. opgesomde aandoeningen.
- Proteo-calorische malnutritie die wordt aangetoond door:
- ofwel een verlaging van het lichaamsgewicht (droog gewicht na hemodialyse) gelijk aan 10 pct. of meer tijdens de laatste 12 maanden
- ofwel een pre-albuminegehalte lager dan 0,3 g/L; bij gehemodialyseerde rechthebbenden voor wie is aangetoond dat het dialysevoorschrift adequaat is door een van de evaluatiemethoden van de Kt/V die minimum gelijk aan 0,9 moet zijn
Regelgeving parenterale voeding - KB 20 juli 2007 (18kb)
