HomeActueelStandpuntenStandpunten 2021

Stille revolutie in de gezondheidszorg

Het is in volle coronapandemie onderbelicht gebleven, maar in de gezondheidszorg is een ware revolutie in gang gezet. Vorige week vond in de schoot van het Verzekeringscomité van het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (Riziv) een kick-off meeting plaats over het begrotingstraject 2022-2024 in de gezondheidszorg. Saaie cijfermaterie, ben je mogelijk geneigd te denken, maar achter de droge titel schuilt een compleet nieuw perspectief op gezondheid. 

De (online) aanwezigheid van 460 vertegenwoordigers van zorgverstrekkers, ziekenfondsen en patiëntenverenigingen en van minister Frank Vandenbroucke maakte duidelijk dat het deze keer niet om business as usual ging. We gaan voor een nieuw model waar we op termijn allemaal de vruchten van zullen plukken. 

Hoe verliep het vroeger als het over de begroting van de ziekteverzekering ging? Er werd vooral gekeken naar historische budgetten. Hoeveel geld hebben we de afgelopen jaren uitgegeven aan een bepaald segment van onze gezondheidszorg. Daarop werd voortgebouwd, de ene keer met wat extra middelen, de andere keer met besparingen, afhankelijk van de financiële ruimte. Met een toekomstvisie op gezondheidszorg had het weinig te maken. Het was vooral een cijferdiscussie, met een begroting die niet verder dan één jaar vooruit keek. 

Met hun visienota 2030 hebben de ziekenfondsen een vijftal jaar geleden de knuppel in het hoenderhok gegooid. Een budget dat niet vertrekt vanuit een gedragen visie laat niet meer toe om in te spelen op de uitdagingen van onze gezondheidszorg en verhindert om flexibel te reageren op de innovaties die op ons afkomen. In de schoot van het Riziv sloegen alle partners de handen in elkaar om verschillende toekomstscenario’s uit te werken. Vandaag zijn de ideeën in die mate omarmd dat we er concreet mee aan de slag kunnen. 

In de toekomst zal het beleid veel meer geënt worden op gezondheidsdoelstellingen. Een voorbeeld, in haar regeerakkoord engageert de federale regering er zich toe om het aantal vermijdbare sterfgevallen met 15 procent te verminderen. Om dat te bereiken, zullen er in verschillende domeinen inspanningen nodig zijn, niet in het minst in de gezondheidszorg. Zo kan er bijvoorbeeld voor gekozen worden om in te zetten op meer samenwerking in de zorg en een betere opvolging van mensen met diabetes. In dat geval zullen daar financiële middelen tegenover staan. 

En uiteraard stopt een gezondheidsdoelstelling niet op 31 december van een bepaald jaar. In de toekomst zullen we met de begroting van de ziekteverzekering verder kijken dan een jaar. Dat biedt voordelen voor de patiënt, maar ook voor de zorgverstrekkers die meer zekerheid krijgen over de beschikbare middelen voor de realisatie van een goedgekeurd meerjarenplan. Doelmatige zorg wordt het uitgangspunt. Op welke manier kunnen we met de beschikbare middelen zoveel mogelijk gezondheidseffecten bereiken? 

De focus verschuift van het bestrijden van ziekte naar het bereiken van gezondheid. Dat zal niet op een, twee, drie gebeuren, daar zijn we ons goed van bewust. Maar het gaat wel om een fundamentele omwenteling die de motor zal zijn voor ons gezondheidsbeleid van de komende decennia.

Luc Van Gorp, voorzitter CM, maart 2021