Pleegouderverlof

Als je pleegouder wordt van een minderjarig kind, heb je recht op pleegouderverlof. Er is een specifieke regeling voor werknemers en zelfstandigen.

Je hebt recht op maximaal zes weken pleegouderverlof. Wordt een pleegkind geplaats in een gezin waar de twee ouders werknemer of zelfstandige zijn? Dan hebben beide ouders recht op pleegverlof. 

Je moet het pleegouderverlof opnemen in een aaneengesloten periode.

Wat moet je doen?

Voor de aanvraag

  • Breng je werkgever op de hoogte van het pleegouderverlof.
  • Bezorg CM het aanvraagformulier, samen met de nodige bewijsstukken.

Na de aanvraag

  • Nadat je je aanvraag bij CM hebt ingediend, ontvang je een inlichtingenblad (dit kan ook digitaal) en een bewijs van werkhervatting.  
  • Stuur het inlichtingenblad zo snel mogelijk ingevuld terug. Je werkgever krijgt de vraag naar de loongegevens rechtstreeks van CM. 
  • Hervat je het werk vroeger dan de vooropgestelde datum, stuur dan het bewijs van arbeidshervatting ingevuld terug naar CM.

Bezorg CM het aanvraagformulier, samen met de nodige bewijsstukken. 

Uitkering

De eerste drie dagen van het pleegverlof behoud je je loon. De overige dagen ontvang je twee keer per maand een uitkering van CM. Die bedraagt 82 procent van het begrensd brutoloon. Er wordt 11,11 procent bedrijfsvoorheffing afgehouden van de uitkering.

De uitkering bedraagt 633,61 euro per week. Ten laatste één maand na het begin van het pleegouderverlof wordt de uitkering in één keer betaald, verminderd met 11,11 procent bedrijfsvoorheffing. 

Wat zijn de voorwaarden?

  • Het pleegouderverlof moet starten binnen de twaalf maanden na de inschrijving van het pleegkind in het bevolkings- of vreemdelingenregister van de woonplaats van de pleegouder.
  • Je moet minstens één week of een veelvoud hiervan opnemen. 
  • De plaatsing van het pleegkind moet gebeuren volgens de regelgeving over jeugdbijstand en jeugdbescherming. 
  • Vanaf het begin moet duidelijk zijn dat de plaatsing ten minste zes maanden zal duren. 

Voorwaarden voor verlenging

  • Het pleegouderverlof kan met vier weken verlengd worden. Deze verlening kan opgenomen worden door één pleegouder of verdeeld worden over beide pleegouders. 
  • Als er meerdere minderjarige kinderen gelijktijdig geplaatst worden, dan wordt het pleegouderverlof verlengd met twee weken per pleegouder. 
  • Heef het pleegkind een lichamelijke of geestelijke handicap? Dan wordt de maximumduur van het pleegouderverlof verdubbeld.

  • Je moet het pleegouderverlof opnemen in een aaneengesloten periode.
  • Het pleegouderverlof moet starten binnen de twaalf maanden na de inschrijving van het pleegkind in het bevolkings- of vreemdelingenregister van de woonplaats van de pleegouder.
  • Je moet minstens één week of een veelvoud hiervan opnemen.
  • De plaatsing van het pleegkind moet gebeuren volgens de regelgeving over jeugdbijstand en jeugdbescherming.
  • Vanaf het begin moet duidelijk zijn dat de plaatsing ten minste zes maanden zal duren.

Voorwaarden voor verlenging:

  • Het pleegouderverlof kan met vier weken verlengd worden. Deze verlening kan opgenomen worden door één pleegouder of verdeeld worden over beide pleegouders.
  • Als er meerdere minderjarige kinderen gelijktijdig geplaatst worden, dan wordt het pleegouderverlof verlengd met twee weken per pleegouder.
  • Heef het pleegkind een lichamelijke of geestelijke handicap? Dan wordt de maximumduur van het pleegouderverlof verdubbeld. 

Activiteiten tijdens pleegouderverlof

  • Als zelfstandige mag je geen enkele beroepsactiviteit uitoefenen tijdens je pleegouderverlof. Er is wel een uitzondering voor:
    • vrijwilligerswerk;
    • politiek mandaat als gemeenteraadslid, OCMW-raadslid, districtsraadslid, provincieraadslid, lid van een raad voor maatschappelijk welzijn, raadslid van een politiezone of lid van een bijzonder comité van de sociale dienst;
    • mandaat als vertegenwoordiger van een gemeente, OCMW of provincie.
  • Je moet wel vóór de start van het pleegouderverlof melden dat je deze activiteiten zal uitoefenen en hiervoor een bewijsstuk bezorgen aan CM: ofwel een attest van de organisatie waarbij je vrijwilligerswerk zal doen, ofwel een afschrift van de beslissing van toewijzing van het mandaat. Wanneer je ons het bewijsstuk niet vooraf bezorgt, moet CM het recht op uitkeringen weigeren voor de weken van de betrokken activiteit.