De zoon van Gaia werd veel te vroeg geboren: 'Je bent nooit op je gemak'

Toen Basil na precies 28 weken zwangerschap werd geboren, woog hij amper 680 gram. Wat volgde waren 92 dagen in het ziekenhuis. Een periode vol zorgen, maar gelukkig ook kleine overwinningen. Negen jaar later blikt zijn mama Gaia terug op die periode. ‘Het is goed gekomen. Maar dat betekent niet dat het vergeten is.’

Tekst: Natalie Van den Heule

Beeld: Simon Mouton

Leestijd: 4

12/10/2026

De zwangerschap van Gaia verliep van in het begin moeizaam. Eerst was er de extreme misselijkheid, daarna harde buiken en een heel hoge bloeddruk. Rond 27 weken werd zwangerschapsvergiftiging vastgesteld. Ook de bloedtoevoer van de placenta naar de baby verliep niet goed en Basil bleef achter in zijn groei. Toen ging het plots allemaal heel snel. de placenta liet los en er volgde een spoedkeizersnede onder volledige narcose.

Raar gevoel

‘Ik herinner me vaag dat ze me uit de operatiekamer reden’, vertelt Gaia. ‘Ik was half verdoofd. Ze zeiden dat alles oké was. Meer wist ik niet.’ Pas vier uur na de keizersnede kon ze naar Basil toe. Toen ze haar hand voor het eerst bij haar zoon legde, drong het nog niet echt tot haar door. ‘Ik voelde niet veel. Ik kon dat kindje niet koppelen aan het kindje dat geboren was. Dat was heel raar, zelfs nog dagen later.’

Van uur tot uur

Hoewel Basil 28 weken was, woog hij maar evenveel als een baby die al na 24 weken geboren wordt. Hij deed het goed, maar de artsen waarschuwden: in het begin is het van uur tot uur leven, later van dag tot dag. ‘Je bent eigenlijk heel die periode nooit op je gemak, één infectie kan voor die kleintjes fataal zijn. Voor de buitenwereld lijkt het soms alsof premature baby’s alleen nog wat moeten groeien en aansterken. Maar het is veel meer dan dat.’

Mijn gevoel was heel dubbel. Tuurlijk was ik blij dat het goed ging met Basil, maar tegelijk was er verdriet. Om wat ik gemist had: dat laatste trimester van mijn zwangerschap, hoe het voelt om hoogzwanger te zijn. Die dingen krijg je nooit meer terug. Ik heb daar echt om moeten rouwen.’

Gaia Hoet

Kleine gelukjes

En toen moest Gaia alleen naar huis. ‘Dat was heel hard. Plots ben je niet meer zwanger, maar je hebt ook geen kindje bij je.’ Omdat haar man als zelfstandige noodgedwongen snel weer aan het werk moest, bracht Gaia veel tijd alleen door op de NICU-eenheid. Bezoek bleef immers beperkt. ‘Mensen vroegen wel hoe het ging, maar ik kon eigenlijk niet veel zeggen, de situatie kon zo weer draaien. Gelukkig waren er ook momenten die voorzichtig deugd deden. Toen Basil meer dan een kilogram woog of toen hij voor het eerst kleertjes mocht dragen. Later bereikte hij twee kilogram en leerde hij drinken zonder sonde. ‘Het waren kleine succesjes, kleine gelukjes. Bij iedere stap dacht je: we zijn weer wat verder.’
De ziekenhuisopname duurde uiteindelijk 92 dagen. Op 5 januari, toevallig de verjaardag van Gaia, mocht Basil naar huis. ‘Dat was het mooiste cadeau.’ Thuis legden ze hem voor het eerst in zijn eigen wiegje. ‘Hij viel meteen in slaap.’

Wat ze gemist heeft

Lang zocht Gaia naar herkenning. ‘Je bent blij dat je kind er is en dat het goed gaat, maar ik voelde tegelijk ook verdriet om wat ik heb gemist. Het laatste trimester van mijn zwangerschap was ik kwijt, ook hoe het voelt om hoogzwanger te zijn, de eerste momenten met Basil op mijn borst. Die dingen krijg je nooit meer terug. Daar vond ik destijds weinig herkenning voor. Ik heb daar echt om moeten rouwen.’

Ook negen jaar later blijft die periode dichtbij. Rond zijn verjaardag denkt het gezin opnieuw aan die periode op neonatologie. En verhalen van andere kinderen kunnen alles onverwacht terugbrengen. ‘Dan beseffen we weer hoe anders het had kunnen lopen en dat we bij al ons ongeluk ook heel veel geluk hebben gehad.