‘Een peuter is al bezig met z’n lichaamsbeeld’
Veel ouders denken dat lichaamsbeeld pas speelt bij tieners. Toch begint de basis al veel vroeger. Peuters en kleuters pikken elke dag kleine boodschappen op over eten, lichamen en uiterlijk. Dat gebeurt niet in grote gesprekken, maar in gewone momenten aan tafel of tijdens het spelen. Kinderdiëtist en doctor in toegepast biologische wetenschap Rolinde Demeyer legt uit hoe je als ouder met deze dagelijkse situaties kan omgaan.
‘Mama, je hebt een dikke buik omdat je veel koekjes hebt gegeten.’
Rolinde: ‘Dit is een typische uitspraak voor kleuters. Ze hebben ergens opgepikt dat koekjes zorgen voor een dikke buik. En dat klopt niet: niet iedereen met een dikke buik eet veel koekjes en omgekeerd.’
Volgens haar heeft het woord dik op die leeftijd nog geen negatieve lading. ‘Ze gebruiken woorden zoals dik, dun, groot en klein om te beschrijven wat ze zien. Ze bedoelen daar niets negatiefs mee.’
Hoe reageer je dan best? ‘Er is zijn verschillende juiste reacties. Blijf vooral authentiek, want kinderen voelen het aan als je iets niet meent. Een mogelijke reactie is: ja, mijn buik is dik en ook lekker zacht.’
‘Spidey is sterk, die heeft veel groenten gegeten’
‘Ik snap waarom ouders dit zeggen. Het is een manier om groenten aantrekkelijk te maken’, zegt Rolinde. ‘Maar je legt zo wel veel nadruk op sterk zijn en op het lichaam.’
Dat kan later doorwegen. ‘We zien vandaag jongeren die veel bezig zijn met hun lichaam en prestaties. Dat hoeft geen probleem te zijn, maar het mag niet doorslaan. Die ideeën ontstaan soms al op jonge leeftijd.’
‘Papa wil geen taart eten, want hij is op dieet’
‘Als een dieet draait rond uiterlijk, zou ik zo’n uitspraak vermijden’, raadt Rolinde aan. ‘Dieetcultuur is overal aanwezig. Ook jonge kinderen pikken signalen op die hun zelfbeeld later kunnen beïnvloeden.’
Geen taart willen eten mag natuurlijk wel. ‘Je kan zeggen dat je geen honger hebt of dat je het niet graag lust. Dat is eerlijk en minder beladen’, zegt Rolinde.
Ze benadrukt ook het belang van luisteren naar het lichaam. ‘Baby’s en peuters kunnen dat goed, wij als volwassenen zijn dat verleerd en willen ons bord leegeten. Dat is niet nodig.’ Als je iets niet lust of genoeg hebt, mag je gewoon stoppen met eten.
Geef zelf het goede voorbeeld. Het zijn die kleine, dagelijkse dingen die mee het zelfbeeld van een kind vormen
Rolinde Demeyer
‘Mila mag niet met Barbiepoppen spelen’
Barbiepoppen tonen een onrealistisch lichaamsbeeld en dat heeft een invloed op kinderen. ‘De fabrikant Mattel doet al meer moeite om meer diversiteit te tonen, maar we zijn er nog niet’, zegt Rollinde. ‘Ik snap dat ouders liever niet hebben dat hun kinderen met die poppen spelen, maar je kan ze moeilijk buiten houden.’
Rolinde raadt aan om de poppen niet te verbieden. ‘Het is belangrijker om erover te praten en ook andere lichaamstypes te tonen, in speelgoed, boeken en films.
‘Waarom ziet die meneer er zo anders uit?’
Vanaf ongeveer 3 jaar zien kinderen duidelijke verschillen tussen zichzelf en anderen. ‘Ze merken dingen zoals huidskleur, gewicht, haar en fysieke beperkingen op’, weet Rolinde.
Een kind stelt vragen, ook in het openbaar. ‘Die vragen komen voort uit nieuwsgierigheid. Zeg dan niet dat ze moeten zwijgen, maar leg uit dat het niet beleefd is om opmerkingen te maken over iemands lichaam, zeker als die persoon erbij is. Praat er thuis rustig verder over.’
Tot slot heeft Rolinde één duidelijke boodschap: ‘Geef zelf het goede voorbeeld. Zelfs kleine opmerkingen zoals: die ziet er slank uit in die jurk, blijven hangen. Het zijn die kleine, dagelijkse dingen die mee het zelfbeeld van een kind vormen.’
Volg de infosessie 'Kleine lijfjes, groot zelfbeeld'
Wat je zegt aan tafel of tijdens het spelen, doet ertoe. Wil je weten hoe je met kleine, alledaagse momenten het zelfbeeld van je peuter of kleuter versterkt? Rolinde legt het uit tijdens de infosessie ‘Kleine lijfjes, groot zelfbeeld’.