5 vragen over: slaaptekort bij jonge ouders

Wie jonge kinderen heeft, weet hoe allesoverheersend slaapgebrek kan zijn. Psychologe Anoek D’hoop, gespecialiseerd in slaap bij kinderen, ziet het elke dag in haar praktijk. ‘Een kind dat ’s nachts vaak wakker wordt, is zeker in de eerste maanden, heel normaal’, zegt Anoek. ‘Wat we onderschatten, is wat dat doet met ouders.’ Anoek beantwoordt voor ons 5 vragen over slaaptekort bij jonge ouders.

Tekst: Natalie Van den Heule

Beeld: Anoek D'hoop

Leestijd: 3

11/05/2026

  1. Mijn kind wordt 's nachts vaak wakker. Wat kan ik doen als ik zelf uitgeput raak?

    ‘De zorg opnemen voor een gezin begint bij zorgen voor jezelf,’ zegt Anoek. ‘Slaap is een basisbehoefte. Kijk dus als koppel wie wat kan dragen. De ene ouder kan beter tegen korte nachten dan de andere. Dat mag benoemd worden. Is je kind een vroege vogel en ben jij een ochtendmens, dan kan je bijvoorbeeld al met je kind naar beneden gaan zodat je partner nog wat kan slapen. Spreek af dat jij dan in de loop van de dag nog wat kan rusten.’
     

    ‘Is je partner even uitgeput, durf dan anderen om hulp te vragen. We zijn dat wat verleerd, maar een netwerk inschakelen is geen falen.’
     

    Naast praktische oplossingen speelt ook je mindset een grote rol. ‘Als je elke ochtend opstaat met het gevoel: dit is abnormaal, ik doe iets fout, dan wordt het veel zwaarder. Realistische verwachtingen helpen. Een kind dat ’s nachts wakker wordt, is niet kapot. En jij bent geen slechte ouder.’

  2. Hoe vind je een balans tussen reageren op je kind en zorgen voor jezelf?

    ‘Huilt je baby, ga dan altijd kijken,’ beklemtoont Anoek. ‘Laat je je kind lang huilen dan gaat z’n stressniveau de lucht in. Zie je dat je kind alles heeft wat nodig is, dan mag je het best geruststellen en telkens met dezelfde woorden weer weggaan. Responsief ouderschap betekent niet dat je jezelf volledig moet wegcijferen. Ik zie heel vaak ouders die alles geven, maar zichzelf kwijtraken.’
     

    Schuldgevoel maakt het extra moeilijk. Als het niet loopt zoals de norm voorschrijft, denken ouders al snel dat ze iets verkeerd doen. ‘Maar elk kind is anders en elk gezin heeft zijn eigen draagkracht,’ gaat Anoek verder. ‘Ben jij iemand die graag zorgt en het heel fijn vindt om de hele dag dichtbij te zijn, dan is dat oké. Maar heb je meer ruimte nodig en is het voor jou verstikkend als je kind continu aandacht of nabijheid vraagt, dan moet je dat ook kunnen aangeven. Praat erover met je partner of een familielid en vraag om af en toe bij te springen zodat je die ademruimte krijgt. Als jouw autonomie, je relatie of je gevoel van eigenwaarde helemaal verdwijnt, betaalt uiteindelijk ook je kind de prijs.’

  1. Iedereen geeft advies: oma, vrienden, het internet. Hoe ga je daarmee om?

    ‘Op het internet slaan andere ouders en influencers je om de oren met raad en hun ervaringen. Voel je dat de content van een bepaalde persoon of account je onrustig maakt, stop er dan mee. Je hoeft niet alles te volgen.’

    ‘Goedbedoeld advies van mensen rondom je is moeilijker te negeren. Daarvoor geef ik altijd de tip om één vaste zin in te oefenen. Iets als: ‘Voor ons gezin werkt dit.’ Als je die zin klaar hebt wanneer anderen je uit hun lood slaan, dan sluit je het gesprek af en dat geeft rust.’

  2. Hoe bespreek je slaapuitdagingen met je partner wanneer jullie niet op één lijn zitten?

    ‘Ook partners kunnen elkaar verliezen door slaaptekort. Als jullie heel verschillend naar opvoeding kijken, dan kom je door slaaptekort sneller in extremen terecht. Twee uitgeputte mensen die het niet eens zijn: het is een recept voor conflict. De ouder die nabij wil zijn telkens de baby een kik geeft, zal nog milder worden. De ouder die vindt dat je niet bij elk geluidje moet gaan kijken en troosten die zal nog strenger worden.'

    'Wat helpt, is terugkeren naar wat jullie delen. Eigenlijk willen jullie allebei hetzelfde: goed zorgen voor je kind. Van daaruit kan je opnieuw verbinden. Dat is geen magische oplossing, maar het geeft een vertrekpunt. Een gesprek beginnen vanuit een gedeelde intentie verloopt anders dan wanneer het vertrekt vanuit frustratie.’

  3. Wanneer is het tijd om hulp te vragen?

    ‘Hulp inschakelen mag geen laatste redmiddel te zijn,’ benadrukt Anoek. ‘Je wacht toch ook niet tot een tand ondraaglijk veel pijn doet om naar de tandarts te gaan? Hulp vragen staat niet gelijk aan falen. Integendeel, ondersteuning van een derde persoon zou heel wat gezinnen ademruimte geven. Voel je dat het je moeite kost om nog te reageren op wat je kind vraagt? Raak je jezelf of je partner kwijt? Dan is het hoog tijd om hulp te vragen. Kinderen hebben geen perfecte ouders nodig. Ze hebben ouders nodig die echt aanwezig zijn, die keuzes maken waar ze achter staan. Dat gevoel van veiligheid, dat is wat telt.’