5 vragen over incontinentie

Incontinentie kan een grote impact hebben op je dagelijks leven. Maar gelukkig is er wel bijna altijd een oplossing voor. Ines Lootens, productadviseur incontinentiezorg in de Goed zorgwinkel, beantwoordt voor ons vijf vragen over incontinentie.

Vrouw geeft uitleg aan klant in de Goed zorgwinkel

Tekst: Astrid Boost

Beeld: Goed

Leestijd: 2 minuten

13/07/2026

  1. Wat is incontinentie?

    ‘Incontinentie is het ongewild verlies van urine of stoelgang. Dat kan gaan van enkele druppels urineverlies tot een volledige blaasinhoud. De oorzaken verschillen per persoon en per type incontinentie.’  

  1. Welke vormen van incontinentie bestaan er?

    'De meest voorkomende vorm is stressincontinentie. Daarbij verlies je urine wanneer er extra druk op de blaas komt, bijvoorbeeld bij hoesten, lachen of tillen. Daarnaast bestaat er aandrangincontinentie waarbij je plots een hevige plasdrang voelt. Overloop- of druppelincontinentie ontstaat wanneer de blaas niet volledig leegloopt en blijft nadruppelen. Er is ook functionele incontinentie waarbij iemand het plassignaal wel voelt maar niet op tijd bij het toilet geraakt door mobiliteitsproblemen.’ 

  1. Kan je zelf iets doen tegen incontinentie?

    ‘Ja, het trainen van de bekkenbodemspieren kan veel verschil maken. Een bekkenbodemkinesist kan je daarbij helpen. Ook een gezonde levensstijl speelt een belangrijke rol. Voldoende bewegen, stoppen met roken, de inname van alcohol en cafeïne beperken en voldoende water drinken. Daarnaast is een goede toilethouding belangrijk: met de voeten op de grond en neem rustig de tijd om je blaas volledig leeg te maken.’ 

  1. Komt incontinentie alleen voor bij oudere mensen?

    ‘Nee, dat is een misverstand. Het kan op elke leeftijd voorkomen, bij zowel mannen als vrouwen. Bij vrouwen ontstaat incontinentie vaak geleidelijk, bijvoorbeeld door hormonale veranderingen of na een zwangerschap of bevalling waarbij de bekkenbodem verzwakt raakt. Bij mannen komt het soms plots voor, bijvoorbeeld na een prostaatoperatie. Ook ziekten die de spieren aantasten, zoals ALS, kunnen incontinentie veroorzaken.’ 

  1. Hoe kies je het juiste hulpmiddel?

    ‘Dat hangt af van je situatie. We nemen rustig de tijd om eerst een aantal gerichte vragen te stellen. Wanneer heb je last van urine- of stoelgangverlies? Hoeveel verlies je? En kan je jezelf nog zelfstandig verschonen of heb je daarbij hulp nodig? Op basis van die informatie gaan we op zoek naar de beste oplossing. Inlegverbanden zijn de meest gebruikte hulpmiddelen en bestaan zowel voor vrouwen als voor mannen. Voor wie meer zekerheid wil, zijn er optrekbroekjes. Bij zware incontinentie of wanneer iemand niet zelfstandig naar het toilet kan, zijn luiers met plakkers of buikgordels vaak meer geschikt. Het juiste materiaal maakt echt het verschil. Mensen voelen zich opnieuw zekerder en durven zonder stress deel te nemen aan sociale activiteiten. Daarom is het belangrijk om advies te vragen en verschillende producten uit te proberen tot je vindt wat het best bij jou past.'