Zowel artsen, tandartsen als vroedvrouwen kunnen geneesmiddelen voorschrijven. Dit kan op papier of elektronisch.

Als je een geneesmiddelenvoorschrift ontvangt, heb je in principe drie maanden de tijd om de medicatie af te halen, te rekenen vanaf de dag dat het voorschrift is opgesteld. 

Van deze periode kan worden afgeweken indien de voorschrijver een einddatum op het voorschrift vermeldt. Bij medicatie die je meteen moet innemen (bv. antibiotica) zal je arts de geldigheidsduur bijvoorbeeld beperken tot een of twee weken. In andere gevallen kan de geldigheidsduur worden verlengd tot maximaal één jaar (bv. bij chronische ziekte). 

De terugbetalingstermijn door het ziekenfonds loopt gelijk met de geldigheidsduur van het voorschrift: ofwel tot de einddatum vermeld op het voorschrift, ofwel drie maanden indien er geen einddatum staat. Is de termijn van het voorschrift verlopen, zal de apotheker het geneesmiddel niet afleveren. 

Indien je niet gehospitaliseerd bent, mogen sinds 1 januari enkel elektronische voorschriften worden afgeleverd, behalve in enkele uitzonderlijke situaties (de voorschrijver is minstens 64 jaar, het voorschrift wordt opgesteld buiten het kabinet of bij overmacht). 

Sinds november 2019 zijn er nieuwe voorschriften in omloop - met een invulvak ‘Einddatum van de uitvoerbaarheid’. Vanaf 1 februari moeten voorschrijvers dit nieuwe model gebruiken. Vanaf dan mogen apothekers geen papieren voorschriften, opgemaakt op het oude model, meer aanvaarden.

Ga ook naar